Bouwfout

Als ik weg moet vanuit huis is het half negen. Ik vertrek vaak iets te laat. Er zijn altijd wel een paar bladzijden extra voor te lezen of een was die nog aangezet moet worden.
Ik kom buiten met de fiets en het miezert. Matje in mijn mand en hard trappen.

‘Plaats je handen table top, duw je stuitje in de mat. Verleng jezelf lang door en kantel daarna je bekken richting je knieën.’
Ik ben vergeten waar mijn knieën zitten. Ik spiek naar links. De cursist die op het matje naast me ligt, heeft inspanning op haar gezicht staan. In haar sok zit bijna een gat. Ik weet niet hoe mijn stuitje naar de mat moet. Mijn stuitje reageert niet op de aanwijzingen uit mijn hoofd.
De trainer heeft ons een grote handdoek gegeven met onze naam erop geborduurd. Die neem ik elke week mee. Mijn naam leg ik met opzet verkeerd om. Ik vraag me ook af hoe vaak ik die handdoek moet wassen. Of het vies is als ik dat niet elke week doe.

‘Plaats je handen via de binnenkant van je enkels aan de buitenkant van je enkels, laat jezelf naar achteren kantelen en kom weer terug.’
Er klinkt een zacht geritsel door het zaaltje. Dan een kuch. Ik laat mezelf naar
achteren rollen als een tuimelaartje. Elke knobbel van mijn ruggengraat voelt mee. Ik voel iets protesteren in mijn maag. Toch net iets teveel gegeten. 
‘Moest ik die afspraak op mijn werk nou nog maken?’, denk ik. ‘Als ik dat nou morgen doe, dan ben ik er vrijdag van af’.
‘Ach, nee, ze zijn al door naar de volgende oefening.’

‘Plaats de pinda bij je stuitje.’
‘Plaats de pinda bij je bh-bandje.’
De pinda is blauw en half doorzichtig. Het ding bewerkt mijn rug. Zodra die onder mijn rug ligt, breekt het klamme zweet me uit en reageert mijn hartslag. Ik voel geroffel in mijn borstkas. Deze oefening is zeker niet mijn ding. De onschuldige pinda is veranderd in een martelwerktuig.
‘Bij een oefening mag je zover gaan dat het prikkelt, maar het mag geen pijn doen’. Wat mij betreft is die grens allang overschreden, maar de rest doet nog mee.
‘Haal de pinda weg onder je rug’. Er zit een gat in mijn rug. Waar net de pinda lag, is nu een gat. Een gevoel van ontspanning trekt door mijn rug.

‘En laat je armen los hangen. Applaus voor jezelf’.
Ik voel me tien centimeter groter en soepeler in alle richtingen. Ik kan de wereld weer aan.
De regen is gestopt. De achterlamp van mijn fiets doet het niet.

——————

Ik schuif mijn voeten in mijn gympen zonder mijn veters los te maken. Warme jas aan. De hond wacht al in de oprit. Zijn riem ligt nog in de garage. De hond is levendig deze ochtend, maakt een speelbuiging en kwispelt vrolijk. 
Het miezert weer. In het park is het nat. De hond rent door het hoge gras.

‘Kr… kraaaak’ zegt mijn onderrug. Ik sta half gebukt. Ik droog de hond af met een oude handdoek. Tranen springen in mijn ogen van de pijn. Ik laat me langzaam zakken. Nu zit ik op handen en voeten op de vloer in de garage. Ik kan geen kant meer op. De hond staat naast me. Zijn zwarte neus snuffelt ter hoogte van de mijne. Hij kwispelt. ‘Gezellig he?’
Ik roep mijn man. Niemand.
Ik roep nog eens harder.
‘Waar ben je?’ ‘Hier!’.
Vloekend trek ik me op aan zijn armen en schuifel richting de keuken. Daar laat ik mezelf zakken in een stoel. De cruesli en yoghurt staan klaar naast een dampende kop thee. De kinderen kijken me geschrokken aan. ‘Niks aan de hand’, lieg ik. ‘Ik heb alleen een bouwfout in mijn onderrug’.  Ik schat in dat dit zo’n vijf dagen gaat duren. De wereld moet maar even wachten. 

Als een klein omaatje beweeg ik door het huis. Mijn onderrug is veranderd in een plank. De plank reageert niet op de aanwijzingen uit mijn hoofd. Regelmatig veranderen van houding werkt het beste. Alleen lopen is niks. Na een Skype- vergadering van een uur, krom ik me uit mijn bureaustoel. Het extra kussen valt op de grond. Even een beetje bewegen voordat het volgende gesprek begint. Traplopen gaat wonderbaarlijk goed. Eén trede per keer dan. Ik zing een liedje, zet de fluitketel op en leg de hittepit weer in de magnetron.

Ik haal de kinderen op van school met de fiets. Het fietsen gaat goed. Nog vier dagen te gaan.
‘Maar mamma, niemand is perfect. De één heeft dit en de ander heeft dat. En jij hebt een slechte rug’. Ik kan wel lachen, maar lachen doet zeer.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s