Boom, winterkoning en specht

In de meidoornhaag zingt winterkoning. Hij heeft zijn staart fier omhoog en zijn borst vooruit. Het lied klinkt luid en duidelijk.
Het gras staat iets meer rechtop en een lichte waas groen is zichtbaar in de heg. De wind is nog fris.

Specht zit tegen een tak.
‘Weet je specht’, zegt boom, ‘Ik wil binnenkort mijn jaardag vieren. Ik heb mijn jaardag nog niet eerder gevierd. Dan vier ik mijn eerste jaardag. Kom je ook?’
Specht roffelt in de tak.
‘Nou’, zegt ze, ‘Dat weet ik nog niet. Ik heb plannen. Ik ga een tijdje weg.’
‘Ga je weg?’, zegt boom verbaast, ‘Wat ga je doen?’
‘Dat weet ik nog niet precies. Dat wordt vast duidelijk als ik op pad ben. Maar het kan zijn dat ik morgen al vertrek.’
‘Dan mis je mijn jaardag’, zegt boom.
‘Dan mis ik je jaardag’, zegt specht.

Winterkoning zingt stevig door. Hij kan niet vroeg genoeg beginnen. Met snelle slagen vliegt hij naar een ander gedeelte van de haag. De trillers klinken over het gras.
Specht klautert omhoog. Boom laat zijn takken meebewegen met de wind. Ze zijn niet zwaar zonder blad.
‘Als ik er niet ben, op je jaardag, dan zal ik toch aan je denken. Je weet dat ik overal waar ik ben aan je kan denken. Ik weet dan dat jij hier bent bij de meidoornhaag. En jij weet dat ik daar ergens ben. Dat is altijd voldoende.’
‘Ik weet het wel’, zegt boom, ‘Maar het voelt anders.’

Winterkoning laat nog een triller horen. Als hij goed luistert, dan hoort hij in de verte een weerklank.
‘Oké’, zegt specht, ‘Ik ga even. Morgenochtend kom ik zeker nog een keer langs.’
Ze vliegt weg.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s