Pret en vrolijkheid

Pret en vrolijkheid

De kinderen liggen net op bed en ik probeer wat spullen bij elkaar te rapen. Morgen gaan we naar Disneyland. Ik ben op zoek naar de tickets. Niet te vinden.
Mijn man weet ook niet waar de tickets zijn. ‘Ze lagen toch in een kast thuis.’ Lees verder Pret en vrolijkheid

Door de bergen

Door de bergen

De hoogvlakte is immens. De schoonheid ervan doet bijna pijn in mijn lijf. We zetten de tenten op. Als ik de volgende ochtend wakker word, is de tent volledig ingesneeuwd. Manaslu kijkt op ons neer. De berg van de ziel. Lees verder Door de bergen

Zelfgebakken cake

Zelfgebakken cake

ls een overleg meer dan een uur duurt, dan tref je mij aan met een boterham. In stilte probeer ik een plastic zakje uit mijn tas te halen. En dan eet ik met beschaafde happen twee boterhammen met pindakaas. Tegenwoordig gebruik ik een oude broodtrommel van mijn kinderen. Iets met een tijger of Minnie Mouse. Lees verder Zelfgebakken cake

Een introvert die oefent

Een introvert die oefent

Beau! Beautje!! Met mijn hond loop ik net de deur uit. De man zegt: ‘Je denkt zeker, o niet weer. Daar heb je hen weer’.
Beau springt nerveus op en neer. En drukt zijn grote en lompe lijf daarna tegen de stoeptegels aan. Ik voel me betrapt en mompel iets. Lees verder Een introvert die oefent

De roeiboot

De roeiboot

We stappen in de roeiboot. De boot is een uurtje geleden voor het eerst opgeblazen. Mijn man wil er nog niet in.
Met mijn dochter kom ik tot aan de broedende meerkoet en de struiken die, tegenover het nest, over het water groeien. Weer terug. Lees verder De roeiboot

Connection interrupted

Connection interrupted

‘Verbinding onderbroken. De Workspaceapplicatie probeert nog 16:35 minuten om opnieuw ver …’. 16:34. 16:33. 16:32.
Wat de (piep). Ik sla met mijn hand op tafel. Het zal toch niet weer (piep, piep, piep).
Gisteren heeft de helpdesk mij nog gebeld. Ik denk dat er een mannetje in mijn laptop zit. Lees verder Connection interrupted

Op mijn sloffen

Op mijn sloffen

Ik kijk naar de onderkant van mijn blouse. Er is een knoop af. Ik trek hem toch maar aan. Niemand ziet het.
Op mijn gympen wandel ik door het park. Mijn haar staat uit elkaar. Ik kan niet naar de kapper. Toch zit het altijd zo. En ik heb het ook geborsteld vanmorgen. Lees verder Op mijn sloffen

Gewoon niks

Gewoon niks

In het park staat een oude boom. De boom is groot. De boom is krachtig en kwetsbaar tegelijk. Ik zou die boom wel willen zijn.
Elke ochtend wandel ik met mijn hond in het park. Hoe vroeger, hoe beter. Want als er weinig mensen zijn dan is er stilte. Lees verder Gewoon niks