Pret en vrolijkheid
De kinderen liggen net op bed en ik probeer wat spullen bij elkaar te rapen. Morgen gaan we naar Disneyland. Ik ben op zoek naar de tickets. Niet te vinden.
Mijn man weet ook niet waar de tickets zijn. ‘Ze lagen toch in een kast thuis.’ Lees verder Pret en vrolijkheid